Horrorauteur Tom Thys over de schoonheid van verval

Lijkenkrabber is de welluidende titel van de derde verhalenbundel van de Vlaamse schrijver Tom Thys. De bundel is deze week verschenen bij uitgeverij Zilverspoor. Reden genoeg om Thys aan de tand te voelen en te vragen naar zijn inspiratiebronnen, zijn fascinatie voor horror en over de reputatie van het genre. “Horror is een uitwas van angst, een universele en existentiële emotie die zo puur en onmiskenbaar is, dat ze voor een stuk definieert wie we zijn.”

TomOm maar meteen met de deur in huis te vallen, wie is Tom Thys?
“Een Antwerpse auteur, geboren in 1983. Ondertussen schrijf en publiceer ik al bijna tien jaar horrorfictie. Daarvoor werkte ik als filmrecensent (in het horrorgenre uiteraard) voor verschillende magazines en websites. Wat in eerste instantie bezigheidstherapie was, een manier om mijn verbeelding van me af te schudden, zeg maar, is ondertussen uitgegroeid tot een ernstige passie. Ik probeer met vaste regelmaat korte verhalen te publiceren en ondertussen zitten er verschillende projecten in de pijplijn, waaronder een kinderboek (2019) en een ambitieuze stripreeks waarvoor ik de teksten en scenario’s schrijf. Het eerste deel van De huivering – tekeningen/inkleuring door Patrick Cornelis en Shirow Di Rosso – verschijnt op 6 oktober.”

Vanwaar je fascinatie voor horror?
“Ik heb een zwak voor de esthetische kenmerken van verval, in de brede zin van het woord. Waar mensen vooral weerzin voelen bij een dergelijk thema, ontdek ik een zekere schoonheid. Dat kan gaan om een door ziekte verteerde mens of een leegstaand, beschimmeld huis. Horror is ook een uitwas van angst, een universele en existentiële emotie die zo puur en onmiskenbaar is, dat ze voor een stuk definieert wie we zijn. Mijn vroegste herinnering aan het genre is de videotheek. Toen mijn moeder me meenam om een film uit te kiezen, dwaalde ik af naar de rekken met videohoezen van skeletten en monsters die mij een sinistere wereld binnentrokken. Die interesse – eigenlijk is het een obsessie – is nooit meer verdwenen. Ze is wel verschoven of uitgebreid, van film over literatuur tot fotografie.”

Ik laat me inspireren door de schoonheid van verval

lijkenkrabberWie of wat zijn je inspiratiebronnen?
“Toen ik pas begon met schrijven, probeerde ik mijn teksten te boetseren naar de atmosfeer in de verhalen van H.P. Lovecraft en Clive Barker. Met mijn tweede bundel Diabolik heb ik mijn eigen stem gevonden en laat ik me niet meer leiden door andere auteurs. Wel kan ik nog steeds geprikkeld geraken door bepaalde elementen van bepaalde kunstenaars. Dat laatste mag je heel breed interpreteren en kan gaan om een songtekst van Kurt Cobain tot een schilderij van Otto Dix. Tegenwoordig leg ik mij steeds meer toe op een andere hobby: urban exploring en het fotograferen van verlaten en vervallen gebouwen. Hiermee probeer ik een wisselwerking op te zetten tussen mijn foto’s en mijn verhalen. Kortom, ik laat me inspireren door de schoonheid van verval.”

Kun je iets vertellen over je bundel?
“Lijkenkrabber is mijn derde verhalenbundel, na Diabolik (2016) en Volmaakt monster (2014). De verhalen liggen qua stijl, thematiek en sfeer in het verlengde van Diabolik. Hij bevat tien verhalen en globaal genomen is de aftakeling van Antwerpen en haar bewoners de crux. Maar ook dit is tamelijk ruim, in die zin dat er enerzijds zeer expliciete verwijzingen naar mijn stad zijn, dat de verhalen zich daar afspelen als het ware, en dat het anderzijds louter gaat om het scheppen van een grimmige, grootstedelijke sfeer. Nihilisme, middelenmisbruik, normvervaging, perversie en verval vormen zo’n beetje de achtergrond waarin mijn personages bewegen. De horror is even vaak realistisch als bovennatuurlijk/tegennatuurlijk.”

Ik ben niet bang om te choqueren, maar besef tegelijkertijd dat goede horror soms ook heel subtiel is

volmaaktmonsterWat maakt jouw verhalen bijzonder?
“Mijn werk is authentiek, geworteld in lokale stedelijke folklore en gevoed door de dingen die ik zie, beleef, droom. Ik ben geen kopie van King, Lovecraft of Poe, ook al vinden recensenten of lezers het soms handig om mij bij wijze van referentie onder te brengen in één van die categorieën. Daarnaast begint mijn visie op horror waar die van andere schrijvers ophoudt. Ik schuw geen taboes. Ik ben niet bang om te choqueren, maar besef tegelijkertijd dat goede horror soms ook heel subtiel is.”

Is er een markt voor oorspronkelijk Nederlandse en Vlaamse horror?
“Ja, al is die eerder klein. Uiteindelijk heb je met een niche binnen een niche te maken. Verbeeldingsliteratuur heeft op zich al een bedenkelijk imago, zeker wanneer je nog eens een tweedeling maakt tussen literatuur en lectuur. Daarenboven is de reputatie van horror niet van die aard dat je er als genre-auteur blij van wordt. Ik probeer literatuur te schrijven, maar gezien de commerciële beperkingen van korte verhalen, is het moeilijk om buiten de grenzen van het wereldje te breken. Als je daarentegen een goede horrorroman schrijft en de timing en omkadering zitten goed, kan het weliswaar heel snel gaan, kijk maar naar Hex van Thomas Olde Heuvelt.”

Doordat er zo weinig rasechte horrorschrijvers zijn, kan ik me makkelijk onderscheiden van de rest

Diabolik-voorkantMoet je vooroordelen overwinnen als je vertelt dat je Vlaamse horror schrijft?
“Dat valt op zich nogal mee. Het aantal doorwinterde horrorfanaten is uiteraard beperkt, maar ik heb gemerkt dat die mensen ook wel heel fanatiek zijn en alles op de voet volgen, dus ze weten mij snel te vinden. Dat is ook het mooie aan dit genre: doordat er zo weinig rasechte horrorschrijvers zijn, kan ik me makkelijk onderscheiden van de rest. Je hoort natuurlijk wel vaker dat je ziek in je hoofd bent als je dit soort dingen bedenkt, maar dan haal ik mijn schouders op. Ik bedoel… wat is ‘ziek’ eigenlijk? Ik vind mensen die vlees eten ‘ziek’. Het hangt dus van je referentiekader af, denk ik. Een ander hardnekkig vooroordeel is dat Nederlandstalige boeken per definitie minderwaardig zijn. Ik snap die logica niet. Ik kan begrijpen dat iemand geen vertalingen leest omdat er dan nuances verloren gaan, maar oorspronkelijk Nederlandstalig werk is juist heel verrijkend, iets wat in onze snel globaliserende wereld almaar meer ondergesneeuwd geraakt. Dat vind ik doodzonde.”

Bibliografie Tom Thys
Volmaakt Monster (2014)
Diabolik (2016)
– Lijkenkrabber (2018)

strip tom

Één reactie Voeg uw reactie toe

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s